Eigenschap:Toelichting harmonisatierelaties TOGAF
Naar navigatie springen
Naar zoeken springen
Geldige waarden
:
Weergave op formulieren
:
Tekstvak
Initiële waarde
:
Verplicht veld
:
Nee
Subeigenschap van
:
Geïmporteerd uit
:
Formatteerfunctie externe URI
:
Klik op de button om een nieuwe eigenschap te maken:
A
TOGAF 10: Governance, Process
* Afspreken is een specialisatie van TOGAF Process uit Architecture Content (Enterprise Metamodel): het is een specifiek proces met als doel het beheren van afspraken.
* Afspreken kan ook gezien worden als een aspect binnen het bredere kader van TOGAF Governance. Governance richt zich op het sturen en beheren van organisatieafspraken, regels, en conformiteit aan afspraken en policies. Afspreken is een onderdeel van hoe governance in de praktijk wordt uitgevoerd, specifiek gericht op afspraken. +
TOGAF 10: Architecture Viewpoint, Architecture Domain, Application Architecture
* NORA Applicatielaag is een specifiek ''viewpoint'': het perspectief op applicatie-architectuur binnen het NORA-vijflaagsmodel.
* De inhoudelijke focus van de Applicatielaag correspondeert met het TOGAF Application Architecture domain. +
H
TOGAF 10: Business Function, Business Capability, Business Service
<br>
*''Business Function'' is in TOGAF 10 gedefinieerd als “a collection of business behavior aligned to the organization”. Herstellen omvat specifiek gedrag dat gericht is op herstel van incidenten, en kan daarmee worden gemodelleerd als een specifieke functionele eenheid binnen de organisatie.
*''Business Capability'' beschrijft “what the business does” op een hoger abstractieniveau. Herstelvermogen (bijvoorbeeld “incident response capability”) is een typische capability die organisaties nodig hebben.
* ''Business Service'' wordt beïnvloed door incidenten en vormt het object van herstel. Het functioneren van de dienst (business service) is afhankelijk van effectief herstelgedrag.
<br>
<br>
NORA “Herstellen” kan het best worden gemodelleerd in TOGAF 10 als:
* ''Business Function'' (de herstelactiviteiten),
* ondersteund door een relevante ''Business Capability'' (zoals incident response),
* en dienend aan het herstel van een ''Business Service'' die onderbroken is door incident.
<br>
Er is dus sprake van een onderliggende specialisatie, waarbij Herstellen een toegepaste vorm van business behaviour is binnen de TOGAF-architectuur. +
I
TOGAF 10: Technology Component, Technology Service
<br>
NORA IT-infrastructuur komt overeen met de TOGAF 10 concepten ''Technology Component'' (voor concrete elementen als servers, netwerkhardware, middleware) en ''Technology Service'' (voor het modelleren van hun technische capabilities). +
TOGAF 10: Architecture Viewpoint, Technology Architecture
<br>
<br>
De verwijzing naar “methoden en standaarden” sluit aan bij ''Architecture Viewpoints'' in TOGAF, die beschrijven hoe specifieke concerns geadresseerd worden binnen een bepaalde context.
<br>
<br>
TOGAF ''Technology Architecture'' een van de vier kernarchitectuurdomeinen (naast Business, Application en Data). De NORA IT-infrastructuurlaag is een specifieke ''viewpoint'' op de ''Technology Architecture'', toegespitst op de fysieke/virtuele voorzieningen en het datatransport. Daarmee kan NORA’s infrastructuurlaag worden gepositioneerd als een concrete invulling (viewpoint) binnen het bredere TOGAF ''Technology Architecture'' domain.
<br>
<br>
De concrete bouwstenen binnen deze laag (zoals servers, netwerken, opslag, middleware) kunnen gemodelleerd worden met TOGAF’s ''Technology Component.''
<br>
De gedragselementen of geleverde functies kunnen gemodelleerd worden als ''Technology Services.'' +
TOGAF 10: Architecture Viewpoint, Data Architecture (Architecture Domain)
<br>
De NORA Informatielaag is een overeenkomstig onderliggende specialisatie van het TOGAF Data Architecture domain, en specificeert een concrete Architecture Viewpoint voor informatiemodellering.
<br>
De elementen binnen deze laag corresponderen met TOGAF’s Data Element en Information. +
N
TOGAF 10: Architecture Domain, Architecture Partition
<br>
Het NORA-vijflaagsmodel biedt een structurele indeling van architectuurelementen. TOGAF biedt een vergelijkbare indeling via ''Architecture Domains'' (Business, Data, Application, Technology) en partitioning-principes. Er is inhoudelijke en functionele overlap, maar geen 1-op-1 equivalent +
O
TOGAF 10: Business Architecture
<br>
De organisatorische laag beschrijft overheidstaken, organisatie, samenwerking, capabilities, processen en dienstverlening. Dit komt vrijwel volledig overeen met inhoud van het TOGAF ''Business Architecture'' domein, hoewel NORA dit specifieker en normatief invult. +
U
TOGAf 10: Business Function, Application Service, Technology Service
<br>
NORA Uitvoeren is het operationele proces waarin diensten feitelijk worden geleverd. TOGAF modelleert operationeel werk via ''Business Functions'' en door systemen uit te voeren werk via ''Application/Technology Service''s. Geen 1-op-1 equivalent, maar verwante betekenis. +
a
TOGAF 10: Business function, Business capability, Process
* TOGAF ''Business function'' representeert een eenheid van werk, meestaal belegd bij de specifieke organisatorische unit (wat de organisatie doet). De activiteit is concreter en specifieker: het is de feitelijke realisatie van onderdelen binnen zo’n functie.
* TOGAF ''Business capability'' beschrijft wat de organisatie in staat is te doen (vermogen), en kan geleverd worden door functies en geoperationaliseerd door processen. De activiteit is dus een invulling of manifestatie op een operationeel niveau van zo’n capability.
* TOGAF Enterprise Architecture Content Framework bevat de specifieke definitie van Proces, ook al is het geen formele term in de TOGAF core definitions. Deze TOGAF Proces-definitie positioneert ''activiteit'' expliciet als een onderdeel van een ''proces'' (sequence of activities). Dat sluit goed aan bij de NORA-definitie, als verwante begrip. +
TOGAF 10: Actor, Stakeholder, Role
* TOGAF ''Actor'' is geschikt als het gaat om de entiteit die feitelijk iets doet of consumeert in een proces of dienst. De nadruk ligt op de interactie met activiteiten, processen of services. Voorbeelden:
** De afnemer die daadwerkelijk een dienst consumeert (bijvoorbeeld een burger die een vergunning aanvraagt).
** Een systeem dat een dienst oproept in een machine-naar-machine scenario (bijvoorbeeld API consumer).
* TOGAF ''Stakeholder'' is geschikt als het gaat om het belang of de zorg van de afnemer ten opzichte van het systeem of de dienst. De nadruk ligt op belangen, doelen en concerns. Voorbeelden:
** Een burger of ondernemer als belanghebbende bij goede en betrouwbare dienstverlening.
** Een opdrachtgever die eisen en wensen stelt aan de dienst (bijvoorbeeld volksvertegenwoordiging).
* TOGAF ''Role'' is geschikt als je de hoedanigheid wilt benadrukken waarin de afnemer optreedt. De nadruk ligt op de positie of functie die de afnemer inneemt in de context van een dienst. Voorbeelden:
** De afnemer in de rol van opdrachtgever (bijvoorbeeld de gemeente namens de burger).
** De afnemer in de rol van gebruiker (bijvoorbeeld de individuele burger die een dienst gebruikt). +
TOGAF 10: Application Component.
* De Application Component in TOGAF representeert functionele software-eenheden (applicaties) zoals bedoeld in NORA. Het dekt software die specifieke functionaliteit biedt voor gebruikers of bedrijfsprocessen.
<br>
Het onderscheid met systeemsoftware is impliciet doordat systeemsoftware vaak niet als application component wordt gemodelleerd, maar als platform of service. Application platrorm is wel een formeel element in TOGAF Core dictionary en kan gebruikt worden voor aanduiding van systeemsoftware. +
b
TOGAF 10: geen
<br>
NORA begrip heeft geen direct equivalent in TOGAF core definitions. In TOGAF zijn begrippen impliciet aanwezig als basis van modellen (bijvoorbeeld in ABB’s, metamodel, glossary), maar worden niet als formeel architectuurelement benoemd. +
TOGAF 10: geen
<br>
TOGAF kent geen direct formeel equivalent van begrippenkader zoals NORA het bedoelt. Functioneel analoog zijn het metamodel, glossary/reference library en Enterprise Continuum die concepten en kennis structureren voor consistent gebruik. +
TOGAF 10: Governance
* TOGAF Governance is het bredere kader waarbinnen beheer plaatsvindt. Beheer kan gezien worden als een uitvoering of invulling van governance in termen van instandhouden. +
TOGAF 10: Technology Architecture domain, Enterprise Continuum
* De Technology Architecture domain is ondeliggend in relatie tot de NORA ''beheerde infrastructuur'', omdat TOGAF zich beperkt tot het IT-/technologische deel, terwijl NORA een bredere definitie hanteert (inclusief organisatorisch en maatschappelijk).
* Het Enterprise Continuum biedt het kader waarbinnen infrastructuurmodellen, -standaarden en -referentiearchitecturen gepositioneerd worden die de beheerde infrastructuur (of delen daarvan) beschrijven. De feitelijke beheerde infrastructuur van een organisatie kan in een specifieke enterprise-architectuur van een ministerie, agentschap, provincie, waterschap of gemeente worden beschreven. +
TOGAF 10: Governance, Course of Action
* TOGAF ''Governance'' is het bredere kader waarbinnen beleid wordt opgesteld, toegepast en bewaakt. Beleid is een van de middelen die governance inzet om sturing te geven.
* TOGAF ''Course of Action'' dekt strategisch beleid: richting en focus gebaseerd op doelen en business model. NORA beleid omvat ook operationele beleidsvormen zoals wachtwoordbeleid. +
TOGAF 10: Information, Data Entity, Logical Data Component, Physical Data Component
* TOGAF Core ''Information'' is het overkoepelende concept; een bericht is een specifieke vorm waarin informatie wordt overgedragen.
* TOGAF Architecture Content ''Data Entity'': Het bericht kan als georganiseerde gegevensset worden opgevat.
* TOGAF Architecture Content ''Logical Data Component'': een bericht kan worden gezien als een specifieke logische datastructuur (zoals SBRL-bericht of StUF-bericht)
* TOGAF Architecture Content ''Physical Data Component'': een bericht wordt fysiek gerealiseerd in een bepaald formaat of schema (zoals XML/XSD of JSON RESTful API) +
TOGAF 10: Geen direct equivalent van bevoegdheid als zelfstandig architectuurelement, maar er zijn enkele concepten die verwant zijn in functie of context:
* Een ''Role'' in TOGAF specificeert wie welke functies uitvoert. De rol impliceert vaak een set van verantwoordelijkheden en bevoegdheden, maar TOGAF benoemt het begrip bevoegdheid zelf niet expliciet.
* De TOGAF ''Actor'' is de entiteit (persoon, organisatie of systeem) die handelt. De actor heeft in de context van een rol de bevoegdheid om te handelen, maar bevoegdheid als zelfstandig concept wordt niet gemodelleerd. +
TOGAF 10: Bulding Block, Architecture Building Block (ABB), Solution Building Block (SBB).
<br>
De NORA bouwsteen kan gezien worden als een overkoepelend, conceptueel bovenliggend begrip dat vrijwel identiek is aan TOGAF ''Building Block'' en zowel TOGAF ''Architecture Building Block'' als ''Solution Building Block'' omvat:
* TOGAF ''Building Block'' is een generiek begrip dat net als NORA bouwsteen zowel ABB’s als SBB’s insluit; daarom is er sprake van vrijwel identieke dekking;
* NORA bouwsteen dekt conceptuele bouwstenen zoals ABB’s; ABB is hiermee een specialisatie van NORA-bouwsteen;
* NORA bouwsteen dekt ook concrete bouwstenen zoals SBB’s; SBB is hiermee een specialisatie van NORA-bouwsteen.
<br>
Beide concepten delen dezelfde kernprincipes: herbruikbaarheid, modulariteit en aanpasbaarheid; TOGAF maakt alleen het onderscheid tussen ABB en SBB formeel expliciet. +